23 juni 2005
Automobielmuseum op Reigersbergen
Inspreektekst voor vergadering Gemeenteraad, 23 juni 2005
door Hans Creman
Namens de Vrienden van Den Haag wil ik ook deze keer gebruik maken van het recht om in te spreken. Tot nu toe hebben wij van alle geboden mogelijkheden, zowel mondeling als schriftelijk, gebruik gemaakt onze mening met betrekking tot de vestiging van het automobielmuseum op Reigersbergen duidelijk te maken.
De Vrienden blijven van mening, dat het automobielmuseum niet op de voorgestelde locatie in de landgoederenzone past. Dit zowel door de omvang als door het karakter van het gebouw. Het gebouw is te groot om ook maar enigszins de vergelijking met een landhuis te kunnen doorstaan. Bovendien vraagt de functie van het gebouw een zodanige vormgeving, dat het gebouw altijd gesloten zal blijven naar het omringende landschap. Landhuizen in een landgoederenzone dienen beperkt te blijven naar omvang en zullen door openheid naar alle kanten een eenheid met het omringende landschap moeten vormen. Tot op heden voldoen de voorstellen niet aan deze voorwaarden.
Alle beleidsmaatregelen die tot heden van kracht zijn, laten de vestiging van het museum niet toe in verband met het belang van de landgoederen Marlot en Reigersbergen voor natuur, milieu, recreatie en cultuurhistorie.
Het aangekondigde bestemmingsplan voor het Haagse Bos c.a. moet de waarde van het beschermde stadsgezicht, waartoe de locatie voor het automobielmuseum behoort, verder gestalte geven. Dit bestemmingsplan wordt, volgens een mededeling van B. en W. nog deze maand in procedure gebracht en biedt een uitstekend kader voor een belangenafweging in groter verband. Het ligt voor de hand om de komende procedure af te wachten alvorens een besluit te nemen over de vestiging van het museum op Reigersbergen. Zeker nu de Amerikaanse ambassade mogelijk in de directe omgeving wordt gevestigd.
De Vrienden handhaven dan ook hun bezwaren op grond van de tot op heden aangevoerde argumenten tegen de eerste partiële herziening van het bestemmingsplan Reigersbergen 1964.