1 februari 2006

Vele vragen en opmerkingen blijven onbeantwoord


Hans Creman namens de Vrienden van Den Haag

In het antwoord van het dagelijks bestuur van het stadsgewest op onze zienswijze missen wij nieuwe argumenten. Volstaan wordt met het aanhalen van de door de gemeente gevoerde argumentatie. Naar onze mening blijven vele vragen en opmerkingen onbeantwoord.

De afwegingen, die gemaakt zijn bij de locatiekeuze, worden als voldoende aangemerkt. Wij blijven de argumenten mager vinden. Doorslaggevend bij de uiteindelijke keuze blijft onomstotelijk de voorkeur van de heer Louwman en het feit, dat de initiatiefnemer niet bereid was over andere locaties na te denken. Hij heeft zelfs aangegeven niet naar Den Haag te komen met zijn museale collectie als hij niet op Reigersbergen terecht zou kunnen. Had hij voor één van de andere locaties gekozen, die wellicht niet voor 100 % aan zijn voorkeuren hadden beantwoord, maar die wel binnen de bestaande rode contour waren gevallen, dan was inmiddels al met de bouw gestart en waren procedures bij provincie en stadsgewest overbodig geweest. Bovendien moet de heer Louwman in staat geacht worden eventuele minpunten van een andere locaties via aanvullende maatregelen teniet te doen.

Het museumgebouw zou het landgoed symbolisch zijn landhuis teruggeven, zij het op een andere plaats. Onze argumenten, dat het gesloten museumgebouw de vergelijking met een landhuis niet kan doorstaan, wordt niet weerlegt. Dat het museumgebouw met bijbehorende beplanting de omgeving zou verrijken, blijft bij een niet onderbouwde uitspraak. Een groene invulling van het gebied zou aanzienlijk meer bijdragen aan een opwaardering van de verwaarloosde kwekerijlocatie. Dat de gemeente niet over de middelen beschikt om de aanvankelijk vastgelegde bestemming te realiseren had de gemeente zich moeten realiseren in een eerdere fase van de planvorming. Als financiële overwegingen ruimtelijke plannen achteraf onuitvoerbaar blijken te maken vragen wij ons af of burgers bij het planvormingsproces met bijbehorende inspraak wel serieus worden genomen.
Het overdragen van een deel van het beheer van het groen aan een particulier acht het dagelijks bestuur in bepaalde situaties een voordeel. Is dat ook het geval als een deel van het groen binnen een rode contour wordt gebracht. De heer Kooijman, directeur van het automobielmuseum heeft in de procedure bij de provincie op een desbetreffende vraag bevestigd, dat het museum altijd met een ruimteprobleem blijft kampen. Is het in beheer aan een particulier overgedragen deel van het groen dan wel veilig, indien zich ernstige ruimteproblemen bij het museum gaan voordoen?

Het dagelijks bestuur acht de raming van de bezoekersaantallen op grond van een vergelijking met de huidige vestigingsplaats van het museum niet onaannemelijk. Het is het d.b. kennelijk ontgaan, dat het museum op de eerste locatie in Leidschendam meer dan 70.000 bezoekers in één jaar heeft ontvangen!

Wij hebben met het bestuur van het stadsgewest te doen, nu blijkt, dat de discussie over de vestiging van de Amerikkaanse ambassade aan de andere zijde van de Leidschestraatweg ze is ontgaan!

Voor onze overige bezwaren moge wij verwijzen naar de u bekende stukken.

Ik dank u voor uw aandacht.

H. Creman


terug TERUG terug