Stadsgewest Haaglanden, algemeen bestuur.

22 februari 2006

Afwijkingsprocedure Ruimtelijk Structuurplan en aanpassing leisurebeleid (Automobielmuseum).


Het komt ons zeer merkwaardig voor, dat een ruimtelijk structuurplan van het stadsgewest Haaglanden moet worden herzien op grond van een reeds door de gemeente Den Haag vastgesteld bestemmingsplan, de 1e partiële herziening van het bestemmingsplan Marlot-Reigersbergen 1964. De procedure die thans gevolgd wordt, is naar onze mening in strijd met de geest en wellicht zelfs met de letter van de Wet op de Ruimtelijke Ordening.

Inspreektekst d.d. 22 februari 2006
door Hans Creman namens de Vrienden van Den Haag

De wet voorziet in planvorming op hoofdlijnen op rijksniveau, via provinciale en gewestelijke planning naar gedetailleerde uitwerking op gemeentelijk niveau. In het onderhavige geval is sprake van de omgekeerde volgorde. Daarenboven heeft de herziening van het structuurplan betrekking op een locatie, die in een reeks van plannen en maatregelen van verschillende overheden een beschermde status heeft gekregen. Eén initiatief van een vermogend particulier is voldoende om het zorgvuldig tot stand gebrachte systeem onderuit te halen. De betrouwbaarheid van de overheid en de relatie burger-overheid wordt geweld aangedaan.

De onderbouwing van het gewestelijk structuurplan bevat, naast de door de gemeente gevolgde redenering, geen nieuwe eigen argumenten.
De bezwaren tegen de locatiekeuze, die door opponenten zijn aangevoerd, worden niet weerlegd. In wezen is de voorkeur van de initiatiefnemer, de heer Louwman, bepalend voor de aanwijzing van de kwekerijlocatie op het landgoed Reigersbergen tot vestigingsplaats voor het automobielmuseum. Zijn uitspraak ‘ take it or leave it ‘ was doorslaggevend. Wij hebben de indruk, dat een deel van de beleidsbepalende argumenten onder tafel is gebleven.

De uitspraak van zowel provincie als stadsgewest, dat van een eventuele vestiging van de Amerikaanse ambassade op een naburig terrein niets bekend zou zijn, is door de bereidverklaring van de gemeenteraad van Wassenaar mee te werken aan de vestiging van de ambassade op de windhondenrenbaan gelogenstraft.
De salamitactiek met betrekking tot de open groene ruimte tussen Den Haag en Wassenaar , de landgoederenzone en de verbinding tussen de kust en het veenweidegebied, schrijdt voort.

Over de omvang van de museumloods en de inpasbaarheid van het gebouw in de landgoederenzone blijkt in redelijkheid geen discussie mogelijk te zijn.

De uitgangspunten van het leisurebeleid worden door het stadsgewest aangepast voor de kwekerijlocatie, die in geen enkel opzicht voldoet aan die uitgangspunten. Van wederzijdse stimulering van vrijetijdsvoorzieningen kan op die plaats geen sprake zijn. De betekenis voor de stad is marginaal vergeleken met de mogelijkheden op andere afgewezen locaties uit de ondoorzichtige lijst van alternatieve locaties binnen de ‘ oude ‘ rode contour.

Ik dank u voor uw aandacht.

’-Gravenhage, 22 februari 2006
H. Creman
E-mail: hansmimicreman@zonnet.nl



terug TERUG terug