19 december 2007
Inspreektekst voor de vergadering van de Welstands- en Monumentencommissie op woensdag 19 december 2007 door H.Creman
Op basis van dit uitgangspunt meent de vereniging haar stem te moeten laten horen over het hier aan de orde zijnde plan voor Louis Couperusplein/Nieuwe Schoolstraat en in het bijzonder over het Couperusplein als toonbeeld van de Nieuwe Haagse School.
De Vereniging Vrienden van Den Haag stelt zich ten doel ‘ Het bevorderen van de leefbaarheid van Den Haag met behoud van zijn karakteristieke waarden’.
Op basis van dit uitgangspunt meent de vereniging haar stem te moeten laten horen over het hier aan de orde zijnde plan voor Louis Couperusplein/Nieuwe Schoolstraat en in het bijzonder over het Couperusplein als toonbeeld van de Nieuwe Haagse School.
Wij achten de plannen van onvoldoende niveau, zowel stedenbouwkundig als architectonisch. De plannen zijn onvolledig – van de nieuw te bouwen woningen op het Couperusplein is nog geen architectonische schets gemaakt - zodat geen totaalbeeld wordt gegeven, waarop gereageerd kan worden. De voorliggende plannen, zeker het plan voor de school, maar ook de massastudies van de flats, tonen onvoldoende respect voor het ensemble van het huidige Couperusplein op zich en daarmee voor de architectuurstijl van de twee lange pleinwanden die gelden als een van de meest expressieve voorbeelden van de Nieuwe Haagse School.
Het bestaande schoolgebouw is weliswaar geen architectonisch hoogstandje, maar levert wel een belangrijke bijdrage aan de sfeer en de karakteristiek van het plein. Een besluit om dit beeldbepalende gebouw te slopen, is alleen dan gerechtvaardigd als het nieuwe plan een meerwaarde heeft t.o.v. de bestaande situatie. Wij zijn van mening dat dit niet het geval is.
De verlenging van het plein verstoort de eenheid van het huidige ensemble. Het nieuwe deel van het plein valt uiteen in twee functies met verschillende architecten. De ruimtelijke karakteristiek en eenheid van het Couperusplein zit vooral in het feit, dat één stedenbouwkundige/architect Co Brandes verantwoordelijk was voor het geheel. Het voorliggende plan geeft geen vertrouwen dat diezelfde eenheid gecontinueerd, gewaarborgd dan wel geëvenaard of zelfs gerespecteerd zal worden.
De nieuwe rooilijnen van de twee tegenover elkaar liggende bouwblokken lijken niets met elkaar te maken te hebben. De pleinwand van de school beweegt totaal niet mee met de ruimtelijke vernauwing geformeerd door de woonwand daartegenover. Het woonblok vormt geen overtuigende afsluiting van het plein, de ruimte lekt weg richting Nieuwe Schoolstraat. Een koppeling tussen woonblok en schoolgebouw met een vrije onderdoorgang voor voetgangers en fietsers zou tegemoet kunnen komen aan dit bezwaar. Ook de hoogtes van de bouwblokken zouden beter op elkaar moeten worden afgestemd. Aan de stedenbouwkundige randvoorwaarden, zoals door de gemeente geformuleerd, wordt dan beter voldaan en de scheiding openbaar-privé wordt duidelijker dan in het voorliggende plan.
Het blijft de vraag of vernauwing en verlenging van het plein op zich de ruimtelijke beleving van het totaal zal verbeteren.
Ook de thans gekozen positie van het schoolgebouw levert een onduidelijkheid op ten opzichte van de pleingevel en de belangrijkste ingang. De wens om gesloten bouwblokken te scheppen stemt niet overeen met een leerlingenentree aan het binnenterrein.
Het architectonisch schetsplan van de school toont vlakke gevels met voornamelijk verticale raamopeningen. Tekeningen van de hele pleinwand ontbreken, waardoor de beoordeling van de afstemming van oud en nieuw op elkaar niet mogelijk is. Wij zijn van mening, dat een beter resultaat kan worden bereikt als één architectenbureau zowel de school als de andere pleinwanden zou ontwerpen.
Co Brandes toonde zich ooit meester-architect, die de beperkingen van toen omzette in ruimtelijke kwaliteit. De thans geformuleerde stedenbouwkundige randvoorwaarden vormen geen garantie voor de handhaving van die kwaliteit.
In de beschrijving van de randvoorwaarden wordt het Couperusplein als onderdeel van het beschermde stadsgezicht ten onrechte niet genoemd. Het accent valt op de architectuur uit de 17e, 18e en 19e eeuw. De Nieuwe Haagse School als beeldbepalend Haags element uit de 20e eeuw ontbreekt! Onder het hoofd ‘ situering’ ( blz. 21 ) staat, dat de school zich goed moet verdragen met de architectuur van de omgeving. Ten opzichte van het Couperusplein is daar geen sprake van.
In het plan van Topos wordt als essentieel gesteld, dat de bestaande rooilijn van het Couperusplein wordt doorgezet. Naar onze opvatting is dat niet het geval in het voorliggende ontwerp. Ook de kozijnen in aluminium en lichtgrijs passen niet in het bestaande gevelbeeld, evenmin de verticale accenten die in strijd zijn met de accenten van de bestaande pleinwanden, die zijn horizontaal en geleed.
Naar onze mening voldoen de voorliggende plannen, zeker de meest uitgewerkte voor de school, niet aan minimale eisen van welstand.
door Hans Creman
19 december 2007