4 februari 2009
Antwoord op brief van de Vrienden d.d. 16 augustus 2008
Uw brief van 16 augustus 2008
Datum 4 februari 2009
Onderwerp Nota van uitgangspunten Internationale Zone
Geachte heer Van der Wal,
In uw brief van 16 augustus 2008 geeft u enige punten ter overweging op de concept nota van uitgangspunten Internationale Zone. Beantwoording van uw brief heeft op zich doen wachten, omdat wij de besluitvorming over de nota van uitgangspunten hebben aangehouden. Mede daar verwerking van adviezen en nadere consultaties hebben geleid tot aanpassing van de nota van uitgangspunten; vooral tot bijstellen van de maximale bouwhoogte voor de Internationale Zone tot 50 meter (incl. Verhulstplein).
Bij de instelling van het Adviesplatform Scheveningen is gekozen voor een formele adviesstatus alvorens het college bij relevante onderwerpen tot definitieve besluitvorming zou overgaan. Vandaar nu eerst een formele adviesaanvraag aan het Adviesplatform Scheveningen.
Nochtans hebben wij ervoor gekozen ook de overige betrokken (bewoners)organisaties ter informatie een concept nota van uitgangspunten toe te zenden en deze ook op internet te publiceren. Er is dus geen sprake van geheimhouding en wij hopen eventuele reacties bij onze definitieve besluitvorming te kunnen betrekken.
Wij danken u voor uw steun voor een aantal belangrijke uitgangspunten voor de Internationale Zone, zoals het aanwijzen van het Vredespaleis als icoon voor de Internationale Zone, behoud en versterken van het groen, het creëren van een hoogwaardig ingerichte openbare ruimte en herstel van de ecologische verbingszone Haagse Beek.
U stelt in uw brief dat u de gebiedsdefinitie van de Internationale Zone veel te ruim is en het baart u zorgen dat dit als planologisch kader zal gelden. Hierbij stelt u een tweetal vragen te weten:
I) Kan het gemeentebestuur op elk willekeurig terrein in het gebied de bestemming "(hoogbouw) kantoor voor internationale instelling" leggen?
In de concept nota van uitgangspunten wordt een onderscheid gemaakt tussen de Internationale Kustzone en de Internationale Zone. Bij de analyse van de Internationale Kustzone bleek dat de internationale instellingen zich ook vanuit historisch oogpunt tot dusver concentreren in één gebied van de binnenstad tot Scheveningen. In en grenzend aan dat gebied is gezocht naar uitbreidingsmogelijkheden voor de internationale instellingen en naar een kwaliteitssprong voor de ruimtelijke inrichting van het gebied, de zogenaamde Internationale Zone. De Internationale Zone vormt een onderdeel van de kustzone en staat voor het gebied langs een deel van de Ring waar internationale functies - kantoren, (culturele) voorzieningenen woningen - tot 2015 op specifieke locaties kunnen worden geconcentreerd. Een aantal locaties is voor de periode 2015 gereserveerd als potentiële ontwikkellocatie. De ontwikkelingskansen voor deze lange termijn locaties zijn echter nog onzeker. Bij de uitwerking van het masterplan worden deze locaties verder uitgewerkt en verfijnd. Overigens betreft het voornamelijk herontwikkeling van bestaand vastgoed dat zijn huidige functie nu of in de toekomst verliest.
II) Kan het gemeentebestuur de inspraak en rechtsbescherming van de nieuwe Wet op de Ruimtelijke Ordening terzijde schuiven?
Uw vrees voor het terzijde schuiven van inspraak en rechtsbescherming is geheel ongegrond. De gemeente kan en wenst wetgeving niet terzijde te schuiven. Wijziging van bestemming zal niet anders dan volgens de geldende planologische regelgeving plaatsvinden. Daarbij zal het zeker niet in alle gevallen gaan om kantoren voor internationale instellingen. De functies ‘wonen’ of ‘maatschappelijke doeleinden’ kunnen tevens aan bod komen.
Behoud van het bestaande groen en het versterken hiervan is één van de uitgangspunten. Evenals een goede toereikende infrastructuur en kwalitatief hoogwaardige openbare ruimte. Onder andere voor deze aspecten zullen de voorstellen in de concept nota van uitgangspunten in de aanstaande fase van het masterplan verder worden onderzocht en uitgewerkt. Dit is ook nodig om de (financiële) haalbaarheid van de gedane voorstellen te kunnen bepalen.
Op uw vraag of voorgesteld bouwprogramma echt nodig is om de gewenste status van Internationale Stad van Vrede en Recht te bereiken en of er niet al veel plannen in Den Haag zijn voor toevoeging van grote hoeveelheden m2 kunnen wij het volgende antwoorden. De keuze voor het gebied dat in de concept nota van uitgangspunten als de Internationale Zone is benoemd, heeft te maken met de wens van veel internationale organisaties om in dit deel van de stad hun vestiging te hebben. Over het algemeen betreft het dan ook vraaggestuurde ontwikkelingen. Dat kunnen nieuwe instellingen zijn, maar ook verplaatsingen van instellingen die uit hun "jasje" zijn gegroeid en een nieuwe locatie zoeken.
Uw mening dat dit ambitieuze programma beter in een minder kwetsbare omgeving kan worden gerealiseerd, delen wij in die zin niet omdat wij met de uitwerking van bovengenoemd programma door binnenstedelijke transformaties ook de ambitie hebben voor investeringen in kwalitatieve verbeteringen (bijvoorbeeld duurzamere bebouwing, betere infrastructuur, hoogwaardiger openbare ruimte, extra groen, versterking draagvlak voorzieningen, impuls werkgelegenheid, nieuw woningaanbod etc.).
In een aantal gevallen - zoals bij het Internationaal Strafhof - verplicht het verdrag waarbij de organisatie is opgericht tot een zetel binnen de grenzen van Den Haag. Daarbij ziet de gemeente met het rijk het als een meerwaarde dat organisaties op het gebied van vrede en recht enigszins zijn geclusterd en daarmee één van de functies van Den Haag als Internationale Stad van Vrede en Recht duidelijk zichtbaar te maken. Er komt dus uitdrukkelijk geen verzameling van dergelijke instellingen in een enclave buiten of aan de rand van de stadsgrenzen.
Wij zijn blij met uw steun voor het beleid dat erop is gericht Den Haag voortdurend te ontwikkelen en en te vernieuwen met behoud van de eigen identiteit. Daarom juist streven wij in de Internationale Zone naar een betere verkeersafwikkeling, hoogwaardig vormgegeven openbare ruimte en versterking en uitbreiding van het groen. Daarnaast zijn wij ons bewaust van de hoge waarde van de specifieke wijkidentiteiten en in het algemeen van de bijzonderde karateristieken van onze stad. Van een spiegeling aan steden als New York is geen sprake. Wel moet Den Haag met specifieke kwaliteiten en ingrepen kunnen concurreren met andere internationale steden. Een dergelijk vergelijking is niet mogelijk en niet aan de orde.
Uw gedachte dat appartementenbouw uitsluitend hoogbouw impliceert is niet correct. Van toevoeging van hoogbouw in de Internationale Zone is geen sprake ook niet wat betreft de locatie Verhulstplein. De in de nota van uitgangspunten genoemde indicatieve programma’s gaan uit van wat naar huidig inzicht ruimtelijk mogelijk is op deze locaties. Voor al deze locaties gelden aannames van gedifferentieerde bouwhoogtes, maar niet hoger dan 50 meter.
Overigens benadrukken wij hier nogmaals dat woningbouw in de Internationale Zone niet alleen is gericht op expats, maar ook voor het bedienen van de lokale en regionale vraag (doorstroming).
In de nota van uitgangspunten wordt het begrip allure voor een aantal plekken reeds concreet gemaakt. Prioriteit krijgen de openbare ruimte van het World Forum, het Carnegieplein, de relatie van de Scheveningse Bosjes met de Waterpartij en de omgeving van de Alexanderkazerne waar gebouwen van het Internationale Strafhof een plaats krijgen. Er zal dus meer gebeuren dan de door u veronderstelde vlaggenparade en een lichtplan.
Wij verwachten dat wij uw brief hiermee voldoende hebben beantwoord.
Het college van burgermeester en wethouders,
de secretaris mw. A.W.H. Bertram
de burgermeester, J.J. van Aartsen