Ons Den Haag | MEI/JUNI  
lijntje
niets

mei/juni 2010

Kantoorkolos op voorplein van CS


De gemeente is van plan € 13 miljoen bij te dragen aan een nieuw kantoor op het voorplein van station CS, omdat er in de huidige vastgoedmarkt niet voldoende gegadigden zijn. De Vrienden van Den Haag vinden het onverstandig dat de gemeente – ondanks de grote bezuinigingen die voor de deur staan – zoveel geld besteedt aan een omstreden bouwwerk dat bij uitstek door ‘de markt’ moet worden gerealiseerd. Wij hebben in de raadscommissie het volgende naar voren gebracht.

door René Vlaanderen, werkgroep Stadsbeeld en Stadsgroen

De Vrienden hebben met verwondering gezien hoe het plan Koolhaas, dat kort geleden nog van de baan leek, naar de eindstreep wordt getrokken.

In theorie kunnen wij ons daarvoor diverse argumenten voorstellen. Bijvoorbeeld dat de gemeente hiermee zoveel kan verdienen, dat onze financiële zorgen in de komende jaren wat zal worden verlicht. Maar het omgekeerde is waar. De enorme bijdrage die de gemeente aan deze kantoortoren moet leveren, zal onvermijdelijk leiden tot nog grotere bezuinigingen bij andere stedelijke projecten.

Een ander argument zou kunnen zijn dat dit plan – gezien de vraag op de kantorenmarkt – een schot voor open doel is. Ook hier het omgekeerde.

Zelfs op deze ‘triple A-locatie in het kwadraat’ (kwalificatie van wethouder Norder) ziet de markt geen kans het plan op eigen kracht te realiseren. Als het gebouw al vol komt, zal dat leiden tot verdringing elders op de overvloedige kantorenmarkt.

Er is dringend behoefte aan een doordachte visie op herstructurering van de kantorenmarkt. Het is te betreuren dat zo’n visie er nog steeds niet is. Het plan lijkt vooral te koersen op een derde argument, namelijk: maak de boel af, zorg dat die omgeving er niet jaren als een bouwput bij ligt. Op zichzelf een legitiem argument, maar of dit plan echt zal helpen…?

Het gebouw zelf is een omstreden bijdrage aan het stadsbeeld (hoewel de gemeente het een ‘architectonisch icoon met wereldfaam’ noemt). Bovendien is de stedenbouwkundige en architectonische relatie met de omgeving nog verre van duidelijk. Bij voorbeeld: op de Bellevue-locatie (overzijde Rijnstraat) staat ons nog veel ‘moois’ te wachten, in elk geval een volgende bouwput.

En hoe zit het met het plein voor CS? Een plein is het straks niet meer. Wind en schaduw zullen er de dienst uitmaken. Voor zover er tussen de gebouwen nog ruimte overblijft, is daar nog geen goed ontwerp voor.

We zullen toch niet meemaken dat ook deze belangrijke entree van de stad wordt uitgeleverd aan vastgoedontwikkelaars? En dat we straks – net als in de stationshal – komen te zitten met een onduidelijk samenraapsel van neringdoenden.

Een daadkrachtig besluit kan ook luiden: “Mijn handen jeuken, maar ik ga er toch even op zitten, teneinde de argumenten nog eens goed te doordenken.”









door René Vlaanderen, werkgroep Stadsbeeld en Stadsgroen



terug TERUG terug