Geschiedenis van Scheveningen – van 1875 tot heden

.

Scheveningen is altijd een onderdeel van Den Haag geweest, maar met eigen identiteit en tradities. Deel 2 van de monumentale geschiedschrijving belicht de periode vanaf 1875, waarin de visserij, de badplaats en de uitbreiding van Den Haag zich onstuimig ontwikkelden. De moeizame verhouding met grote broer Den Haag loopt als een rode draad door het verhaal.

De periode 1875-1940 liet een sterke groei zien. Langs de kust verrezen grote hotels voor de internationale beau monde. De Eerste Wereldoorlog maakte aan deze belle époque abrupt een einde. Scheveningen en Den Haag groeiden aaneen; de visserij nam sterk in omvang toe. Zo veel belangstelling als het stadsbestuur aan de dag legde voor toerisme en nieuwe woonwijken, zo onverschillig was het ten aanzien van de visserij. Tekenend is dat zelfs de rampzalige storm in 1894, die een groot deel van de op het strand liggende bommenvloot vernielde, voor Den Haag geen aanleiding was om de al zolang gewenste vissershaven aan te leggen: dat was een zaak voor particuliere investeerders. Dat de zeewering en de haven er uiteindelijk toch kwamen, was niet ingegeven door zorg voor de visserij en de bewoners van Scheveningen-dorp, maar door de veiligheid van de badplaats en het laaggelegen achterland, alsmede door de rijksbijdrage in verband met de nationale defensie.

In de Tweede Wereldoorlog zijn vrijwel alle Scheveningers geëvacueerd naar andere delen van Den Haag en van Nederland. Het Sperrgebiet – de 1 à 2 km brede kuststrook van Den Haag – werd ter verdediging tegen een mogelijke geallieerde aanval voorzien van een betonnen tankmuur langs de boulevard, en afgegrendeld van de rest van de stad door een tankgracht. De materiële en humanitaire schade was gigantisch, Den Haag was na Rotterdam de zwaarst getroffen stad. Na de oorlog zijn de functie en het uiterlijk van Scheveningen ingrijpend veranderd. De grote hotels (behalve het Kurhaus) en Seinpost hebben plaatsgemaakt voor hoge flatgebouwen en massatoerisme. De visserij is door de quotering en schaalvergroting aanzienlijk gekrompen. Ook rond de haven rukt de woonbebouwing op. Door dit alles zijn de klederdracht en het dialect vrijwel verdwenen. Tegelijkertijd hebben juist de snelle veranderingen er voor gezorgd dat het eigene van Scheveningen wordt gekoesterd en benadrukt. De lijvige geschiedschrijving is er een goed voorbeeld van.

De vele deskundige auteurs hebben goed leesbare teksten afgeleverd, door de redacteuren tot een vloeiend geheel samengesmeed. Mede door de fraaie afbeeldingen en uitvoering is dit tweede en laatste deel in alle opzichten een boek van formaat geworden.

Geschiedenis van Scheveningen – van 1875 tot heden, onder redactie van Maarten van Doorn, Kees Stal en Froukje Holtrop, uitg. Walburg Pers 2014, 291 blz. + 45 blz. registers e.d., ISBN 978.90.5730.973.1, € 39,50

René Vlaanderen

Geschiedenis van Scheveningen – van 1875 tot heden